VLAREM

 

Wat?

 

Wat? Verdere toelichtingen

 

Types vergunningen

In Vlarem I wordende verschillende types van vergunningen beschreven. Volgende types worden onderscheiden:

Men bedoelt met inrichting een kadastraal perceel (of meerdere) waarop er een onder bijlage 1 van Vlarem I ingedeelde exploitatie plaatsvindt. Exploiteren betekent in de dierenliefhebberij het houden, kweken en/of verkopen van dieren in een (permanente) inrichting.

Als hinderlijk beschouwde instellingen

Titel I geeft eveneens een lijst van instellingen die als hinderlijk beschouwd, worden tesamen met het type vergunning dat er voor nodig is. Wat reptielen betreft is vooral volgende rubriek daar uit belangrijk

Rubriek

Omschrijvingen en subrubrieken

Klasse

9

Diergaarden e.d. (met uitzondering van inrichtingen waar huisdieren, landbouwdieren, gezelschapsdieren, vissen, schildpadden en elders vermelde dieren worden gehouden);

 

9.2.1

a)

Dierentuinen en –parken, safariparken

1

 

b)

Opvang- en verzorgingscentra voor gekwetste, verdwaalde en verzwakte wilde dieren, andere dan vogels

2

9.2.2.

Inrichtingen waar volgende dieren worden gehouden of verhandeld:

 

 

a)

Alle uitheemse zoogdieren, met uitzondering van deze bedoeld in rubriek 9.2.2.e, vanaf 1 dier

2

 

b)

Alle gifslangen en krokodillen, vanaf 1 dier

2

 

c)

Alle andere niet in sub a) of sub b) vermelde diersoorten die door hun agressiviteit, giftigheid of gedrag een gevaar inhouden (schorpioenen, zwarte weduwe, enz.) vanaf 1 dier

2

 

d)

Alle reptielen, andere dan deze vermeld in sub b) en sub c):

 

1.

tot en met 30 dieren

3

2.

van meer dan 30 dieren

2

 

.....

 


Dit betekent dus dat je vanaf 1 reptiel melding moet doen. Als je meer dan 30 reptielen hebt ben je verplicht een vergunning klasse 2 aan te vragen.
Ook voor gifslangen en krokodillen ben je verplicht een vergunning klasse 2 aan te vragen.
Schildpadden vormen een uitzondering en zijn niet meldings- of vergunningsplichtig

 

Klasse 3 = Meldingsplicht

 

Waar kan je terecht?